• Alle producten zijn toegevoegd aan uw winkelmandje.

Geschiedenis van condooms

Condooms in de oudheid

Als je denkt dat het condoom een moderne uitvinding is, dan heb je het mis! Al duizenden jaren geleden kwamen onze voorvaderen op het idee om de penis te beschermen tegen oa. ongedierte, verwondingen en zelfs kwade geesten, maar ook voor de versiering en ter herkenning van rangen en standen. Het inpakken van het geslachtsorgaan is dus niet nieuw. Wel zijn inmiddels de redenen voor het inpakken van de penis veranderd. 
Wanneer het idee van het condoom precies is ontstaan is onbekend. 
De oudste bekende Europese afbeelding van een condoom is te vinden in een grot in Les Combarelles in de Dordogne in Frankrijk. Deze grotschildering dateert van ongeveer 150 na Christus en toont een man met penisomhulsel.

Ook de oude Egyptenaren en de Romeinen waren bekend met het principe van bescherming van het geslachtsdeel. Zo zijn er Egyptische beelden gevonden uit de 1300-1200 jaar voor Christus waarvan de penissen zijn omhuld. Ook deze 'condooms' uit de oudheid hadden slechts een beschermende functie, o.a. tegen bilharzia, een infectieziekte van de urinebuis. Soms werden ze gebruikt om misvormde geslachtsdelen te verbergen.

Helaas is er weinig tot niets bekend over de materialen waarvan deze condooms werden vervaardigd. Men gaat er van uit dat o.a. gevlochten stro, linnen en zelfs de schil van de kalebas werd gebruikt. Na het verdwijnen van deze beschavingen werd eeuwenlang niets van het condoom vernomen.


De Renaissance en de comeback van het condoom

Nadat in de Renaissance door de geleerden de ontdekking werd gedaan dat micro-organismen de verspreiders waren van vele ziekten, was de grondslag gelegd voor de moderne medische wetenschap en de 'her'-ontdekking van het condoom, nu in de nieuwe functie van beschermer tegen seksueel overdraagbare aandoeningen
Toen Columbus in 1492 de Nieuwe Wereld ontdekte, nam hij niet alleen specerijen en edele metalen mee terug, maar zonder het te weten importeerden de ontdekkers van Amerika ook een nieuwe ziekte. Door veelvuldig seksueel contact met de inheemse bevolking door de Spaanse, Franse, Portugese, Nederlandse en Engelse zeelieden breidde deze ziekte, die we nu syfilis noemen, zich snel over Europa uit. 
Doktoren schreven aderlatingen, bloedzuigers en kruidendrankjes voor, maar niets hielp.

Al snel ontdekten de geleerden dat de ziekte zich verspreidde door seksuele contacten. In 1560 opperde de Italiaanse arts en geleerde Gabriello Fallopius dat als er een barrière werd geplaatst tussen de penis en de vagina tijdens seksueel contact, infectie met syfilis voorkomen kon worden. Fallopius vervaardigde een linnen zakje, gevormd naar de penis, dat in medicinale kruiden en anorganische zouten gedrenkt werd. Zo werd de voorloper van het moderne condoom geboren. Naar eigen zeggen testte Fallopius het condoom uit op 1100 mannen, die geen van allen besmet raakten. In 1564 publiceerde hij een geschrift, genaamd Morbo Gallico, waarin hij zijn uitvinding beschreef. Dit is tevens de eerste gepubliceerde omschrijving van het condoom, althans in het Christelijke Westen.


Condoomgebruik wordt populair!

Het linnen condoom van Fallopius werd, ondanks de prachtige testresultaten, niet echt populair. In de 17de eeuw luidde de komst van condooms gemaakt van schapendarm en, vreemd genoeg, visblaas, een tijdperk in van meer algemeen gebruik van het condoom. Deze condooms hadden als voordeel dat ze meerdere malen gebruikt konden worden, maar als nadeel dat ze niet elastisch waren en met een bandje op zijn plaats gehouden moesten worden. Ook moest men ze op maat aanschaffen, wat voor velen een struikelblok vormde. Ze waren prijzig, met als gevolg dat slechts de gegoede burgerij zich deze condooms kon veroorloven. 
Het is niet zeker wanneer ook de geboortebeperkende eigenschappen van het inmiddels vertrouwde condoom ontdekt werden. Aangenomen wordt dat dit omstreeks het begin van de 18e eeuw geweest moet zijn. Wel weten we dat omstreeks 1750 de eerste condoomwinkels hun deuren openden voor het publiek. Deze handel werd voor het overgrote deel gedreven door vrouwen, en met name de dames Phillips en Perkins, die met hun bedrijf in Londen in 1766 het overgrote deel van de markt in handen hadden.

Ook 's werelds beroemdste minnaar, Casanova ( 1725-1798 ), beoefende zijn favoriete tijdverdrijf altijd met condoom. Hij onderwierp zijn condooms steevast aan een 'gaatjestest' door het condoom als een ballon op te blazen. Op een beroemde gravure uit deze tijd is te zien hoe Casanova en een aantal andere heren in een bordeel de gaatjestest uitvoeren.

Inmiddels was het condoom ook in Japan in gebruik, maar wel in een andere uitvoering. 
Er waren twee types: de Kawagata (Kyotai), vervaardigd van dun leer, en de Kabutogata, gemaakt van schildpaddenhuid of hoorn. Van deze Japanse condooms zijn exemplaren gevonden uit 1827.


De eerste revolutie : vulkanisatie

In 1844 beleefde het condoom zijn eerste technische revolutie: met de ontdekking van de vulkanisatie van rubber door de heren Goodyear (van de autobanden) en Hancock brak wederom een nieuw tijdperk voor het condoom aan. Vulkanisatie is een proces waarbij rubber wordt behandeld met zwavel en onderworpen aan zeer hoge temperaturen. De condooms werden vervaardigd door houten of glazen mallen met de hand in de rubbervloeistof te dopen. 
Het was nu mogelijk rubbercondooms te maken die twee grote voordelen hadden: ten eerste waren ze elastisch en ten tweede veel goedkoper dan darmcondooms. 
Dit type condoom was helaas wel iets minder betrouwbaar dan de peperdure darmcondooms, vooral omdat ze een lengtenaad hadden, die ook het plezier niet bevorderd zal hebben.


De tweede revolutie: latex

De tweede grote revolutie op condoomgebied vond plaats in 1930, met de ontdekking van latex. Latex is het sap van de rubberboom, dat tot die tijd eerst verwerkt werd tot rubber en vervolgens werd van dit rubber weer condooms gemaakt. Door de latex direct te gebruiken werden enkele productieprocessen uitgespaard, waardoor de kosten omlaag gingen. Tevens zorgde automatisering voor een revolutie in de productietechniek. Ook waren de latexcondooms veel langer houdbaar dan de rubbercondooms. Rubbercondooms waren niet langer dan 3 maanden houdbaar, terwijl de latexcondooms een houdbaarheidsduur hebben van 5 jaar. 
Tijdens de Tweede Wereldoorlog, toen de Duitse bezetter het gebruik van condooms verbood omdat zij tenslotte soldaten en soldatenmoeders nodig hadden, ontdekten vindingrijke soldaten een andere functie voor het condoom : ze trokken condooms over de loop van hun geweer om zo het wapen tegen water en stof te beschermen. Ook tijdens de Golfoorlog haalde het condoom meermalen de pers omdat condooms werden gebruikt als bescherming tegen de grootste vijand van alle high-tech schiettuig: stofzand.


Van verbod tot gebod

Het verbod op het gebruik, verkoop en reclame van voorbehoedsmiddelen is bijna zo oud als het product zelf. Slecht geïnformeerde fatsoensrakkers zijn er altijd geweest. Zo werd beweerd dat men ziekten kon oplopen door het gebruik van condooms, of dat het zou leiden tot onvruchtbaarheid, seks verslaving, vliegende tering, geheugenverlies en hartaanvallen. Ook bestond de vrees dat vrouwen losbandige levens zouden gaan leiden als ze bevrijd zouden zijn van de angst ongewenst zwanger te raken. 
Dan was, en is er nog altijd, de vermanende stem van het Vaticaan. Volgens de katholieke leer, mag seksueel contact alleen plaatsvinden met voortplanting als doel. Vooral in derde wereld landen heeft dit standpunt niet alleen tot een ongewenst hoog aantal geboorten geleid, maar tevens de vele Aids preventie campagnes ernstig belemmerd.

Na de Tweede Wereldoorlog duurde het nog tot 1971 voordat het verbod op vrije verkoop van condooms werd opgeheven. Dit verbod (de Wet-Regout) was al sinds 1911 van kracht. In Frankrijk werd het condoom in 1920 verboden, om de bevolkingsaantallen weer op peil te krijgen na de grote verliezen van de Eerste Wereldoorlog. In Engeland probeerden de katholieken in 1942 het condoom officieel te verbieden, niet in de laatste plaats vanwege de rubberschaarste. Churchill zag hier gelukkig geen heil in. In Ierland werd de verkoop van condooms pas in 1985 vrijgegeven, en wel met een zeer krappe meerderheid van stemmen (83 voor, 80 tegen). Zelfs vandaag de dag hoeft men er niet op te rekenen in Ierland bij iedere drogist condooms aan te kunnen schaffen. Gelukkig is Ierland een uitzondering en zijn condooms nu vrijwel overal ter wereld vrij te verkrijgen.

Conclusie: Wanneer zijn condooms uitgevonden?

Het idee van een condoom werd duizenden jaren geleden al bedacht. Echter werd deze vooral gebruikt tegen oa. ongedierte, verwondingen en kwade geesten. Deze condooms waren toen niet gemaakt van het latex wat we nu kennen. Men vermoed dat de allereerste condooms werden gemaakt van gevlochten stro, linnen en de schil van kalebas. In 1492 brachten de ontdekkers van Amerika de eerste SOA mee naar Europa: Syfillis. Een Italiaanse arts bedacht in 1560 hier een oplossing voor: De voorloper van het moderne condoom. Dit condoom was een soort linnen zakje, gevormd naar de penis, dat in medicinale kruiden en anorganische zouten gedrenkt werd. Hierna heeft het condoom nog vele varianten gekend totdat in 1930 het latex condoom werd bedacht zoals we die vandaag de dag kennen. Dus, hoe lang bestaan condooms? Al duizenden jaren.

De uitvinder van condooms